1200

DIE  LOGE DAAR !

 EEN - EIGEN - WIJZE LOGE

Bespiegelingen over juni 1963
Overwegingen bij de reconstitutie van L'Age d'Or in 1963  door mr A. Aris,  een der oprichters van de loge.

Er zullen niet veel loges zijn, die bij hun oprichting een scherp beeld voor ogen hadden van de wijze waarop zij de Vrijmetselarij wilden beoefenen. Hoe was dat bij L’Age d’ Or in 1963? Op instigatie van Broeder DCJ van Peype werd er voor gekozen zich te ontdoen van de sedert het midden van de 19de eeuw ingeslopen verburgerlijking en, teruggrijpend op de oude kenbronnen, een voor die jaren vernieuwende visie op de vrijmetselarij tot een consistente praktijk te brengen. Allereerst met de vaststelling, dat de kern van de vrijmetselarij is gelegen in de beoefening van de ritualen en het leren lezen van de symbolen. Daarnaast dat er geringe behoefte was aan een daaromheen gehangen debatteergezelschap.

Kortom, de vrijmetselarij beoefenen als een “craft”. De loge komt niet bijeen in een - gematerialiseerde - tempel voor een collectieve religieuze beleving, maar is een werkplaats, waar de individu door het rituele spel wordt gestimuleerd zich tot een “beter, completer, mens” te ontwikkelen en te werken aan een - virtuele - tempel. De voeten stevig geplant op ons arbeidsveld, de mozaïeke vloer, de leerschool doorlopen die in de blauwe graden ligt verborgen. Tijdens de arbeid in de werkplaats het aanvaarden van een hiërarchische orde en het belang ontdekken van teamwork, maar ook van arbeidsvreugde (Vandaar dat wij ook wel de “lachende loge” worden genoemd). Als loon de tafelloge, waarna wij vergenoegd - zij het vaak wel behoorlijk laat - huiswaarts keren.

Dit alles binnen wat Br Cor Hagen een “abel spel” zou noemen - serieus en geconcentreerd waar het dienstig is, vrij, soms bijna studentikoos, waar het mogelijk is. Abel omdat het met hoffelijkheid en respect dient te worden gespeeld.De gekozen opzet is met een aantal verfijningen nu vijftig jaar houdbaar gebleken. De eigen werkwijze heeft daarmede een duidelijke traditie gekregen waarop ook in de toekomst kan worden voortgebouwd. En ondanks het feit, dat het opleveren van bouwstukken niet het eigenlijke doel is, hebben de achtereenvolgende redenaars, maar ook veel andere leden, verhandelingen van hoge kwaliteit aan de loge voorgelegd, zoals in het navolgende zal blijken. Naast de eigen aanwas kwamen regelmatig leden van andere loges visiteren of door overschrijving de kolommen versterken. De ambiance van het Leidse Logegebouw is hierbij wellicht mede van invloed geweest en niet te vergeten de kwaliteit van de gedurende vele jaren door Annelies Vis en de haren verzorgde maaltijden.

Leden van L’Age d’ Or hebben de afgelopen 50 jaar - of ook thans nog - zich verdienstelijk gemaakt voor de Orde, in andere obediënties, in het bestuur van Ritus & Tempelbouw en jarenlang in de redactie van het tijdschrift Thoth. Tal van jongere broeders, die hun broodwinning elders in den lande vonden, hebben ook in de loges daar belangrijke functies mogen vervullen. Natuurlijk is er ook wel eens een wat minder  goed moment geweest. Met zoveel macons bien instruit kwam men toch een paar keer zichzelf\ tegen. Zonder dat dit overigens grote rimpels in de harmonie veroorzaakte heeft zich een heel enkele keer een conflictueuze situatie voorgedaan. De werving van kandidaten had niet een permanente aandacht. De instructie van nieuwe leden is ongestructureerd gebleven; teveel werd overgelaten aan zelfwerkzaamheid. Wat dit betreft een gewone loge dus. Het was mij vergund al deze 50 jaar mee te beleven. Ik dank en gedenk alle Broeders, die ik zonder L’Age d’ Or waarschijnlijk nimmer zou hebben gekend. Het was en is mij een voordeel en een eer om met eenieder van hen te werken!

Alexander Aris

960

 

768

550

320